Een tijdje terug zagen we Hamlet in de schouwburg. Drie goede spelers die twaalf rollen voor hun rekening namen. Een uitgekiende bewerking, met een bewegend decor en mooi licht in een volle grote zaal. Ze komen nog terug, dus ga vooral kijken.
Dit weekend konden we een kijkje nemen aan de andere kant van het theaterspectrum. In Theater ’t Kapelletje speelde Prikkel met liedjes door vocal group Fuse, afgewisseld door de belevenissen van een vrouw die vastgelopen is in haar leven en min of meer verder in de puree geholpen door de social media. De tekst werd gebracht door Vincent Bijlo, een belevenis. Met een paar hulpmiddelen wist hij zijn weg te vinden op het toneel. Meest opvallende item: een handzame braillelezer.
Als een oudere speler te veel moeite krijgt met zijn tekst, kan een oortje redding bieden. Maar als bij de repetities een ziende speler de tekst niet weet, moet hij een script voor zijn neus houden. Zo kun je niet spelen, roept een boze regisseur. Maar Bijlo bracht moeiteloos en overtuigend zijn tekst. Afgewisseld met de heerlijke zang van Fuse werd het een fijne voorstelling, voor helaas maar een handjevol publiek. Dat het een bloedhete dag was geweest, gevolgd door een broeierige avond, zal daar vooral de oorzaak van zijn geweest.
Een dag later, in Huis van de Wijk De Banier, speelde Theaterwerkplaats voor Ouwe Rotten (TOR) de voorstelling Makandra over het slavernijverleden in Suriname en de Nederlandse Antillen. Muzikaal ondersteund door Lauriane Ghils, die met de gekste instrumenten voor een fraai geluidsdecor zorgde, vertelden zes oudere speelsters hun familiegeschiedenis. Veel aandacht voor de vrouwelijke voorouders en absurde gevolgen van de koloniale overheersing door Nederland. Op de lagere school in Suriname wél moeten weten waar Apeldoorn ligt, maar een verbod op de eigen taal. De speelsters die hun eigen verhaal vertellen, dat werkt ontroerend. Tot en met 7 juli links en rechts in de stad te zien. Informatie over Makandra
Hoe komt het nu dat je bij Hamlet zit te genieten van de goede spelers en hun mooie teksten, maar geen moment echt ontroerd raakt? Bij Prikkel zit je enthousiast te kijken en vind je het jammer dat er maar zo weinig mensen zijn. Bij TOR zit je met een brok in je keel naar de verhalen te luisteren die gewoon, rechtuit worden verteld, met hier en daar een foto van een voorouder. Tja, het is écht, maar daarvoor gaan we toch niet naar het theater? Daar willen we gestileerde, ingedikte emoties en verhalen zien. Ik weet het niet, misschien is de oplossing dat we naar zoveel mogelijk verschillende voorstellingen moeten gaan kijken en nergens onze neus voor moeten ophalen.


