Vestdijk en ik

Op de middelbare school zijn we met lessen over Nederlandse literatuur braaf begonnen met de middeleeuwen. De leraren deden hun best er boeiend over te vertellen, maar pas bij Paul van Ostaijen werd het voor mij interessant. Daarna zal Simon Vestdijk ongetwijfeld voorbij zijn gekomen, maar ik herinner het me niet.

Op de lerarenopleiding zelfde verhaal, natuurlijk moesten we van alles lezen, maar Vestdijk was niet verplicht. Wat wél indruk maakte, was de boekenkast van een medestudente die een hele rij romans van hem had staan, gebonden exemplaren, ik denk van het toen verschenen verzameld werk. Bij de ECI heb ik toen De koperen tuin gekocht, maar niet gelezen. Op de omslag en in het boek stonden foto’s van de tv-serie, waar ik me ook weinig van herinner.

Pas veel later, tijdens een lange treinreis, Terug tot Ina Damman gelezen. Goed geschreven, goed oog voor detail, goed boek. Toen Sylvia Witteman nog weer later enthousiast de Anton Wachter-reeks besprak in haar boekencolumn, heb ik de andere zeven delen gelezen, en daarna nog Ivoren wachters, Meneer Visser’s hellevaart, De dokter en het lichte meisje en dit weekend, eindelijk, De koperen tuin.

Geen sympathieke hoofdpersonen, je voelt niet gemakkelijk met ze mee, maar zoals gezegd goed geschreven. Ik zou zo gauw niet weten met wie je hem kunt vergelijken. In de bibliotheek staan verschillende boeken van Vestdijk in depot, en hij lijkt een vergeten schrijver te worden. Zonde! Zijn werk verdwijnt. Dit betekent wel dat ik nu alle minibiebjes scherp in de gaten houd, die boeken moeten toch ergens naartoe. Die hele rij van mijn medestudente in Groningen haal ik niet, maar we komen vast een flink eind.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *