Na het monumentale Congo, over de voormalige Belgische kolonie, heeft Van Reybrouck enige jaren uitgetrokken om ooggetuigen op te zoeken en te ondervragen over de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië. Hij was net op tijd.
Dat werd al duidelijk in de tv-serie over het boek. Terwijl hij aan het schrijven was, kwamen er om de haverklap overlijdensberichten binnen van geïnterviewden. In de tv-serie is er maar ruimte voor een beperkt aantal overlevenden, in het boek is naast alle persoonlijke getuigenissen ruimte voor correspondentie en nieuwsberichten uit die tijd. De tv-reeks geeft een goede samenvatting van het boek, maar blijft oppervlakkiger.
Wat vooral bijblijft na het lezen, is de stuitende arrogantie en onwil van de Nederlandse machthebbers om de Indonesische onafhankelijkheidsdrang serieus te nemen. Ook was Nederland nogal losgezongen van de realiteit: na de Japanse aanval op Pearl Harbor verklaarde Nederland Japan meteen de oorlog, terwijl het nauwelijks beschikte over militaire middelen. Japan vroeg nog of Nederland het wel echt meende, voordat het zonder veel moeite Nederlands Indië innam. Nederland heeft na de oorlog de kans gehad om voor een elegante en geweldloze oplossing te kiezen, maar koos voor een harde aanpak. Liever een dure en uiteindelijk zinloze oorlog, dan een stap terug doen.
Vanaf de komst van de eerste mensen (plm. 75.000 jaar geleden) toont Van Reybrouck haarfijn de geschiedenis van Indonesië en wat de Hollanders daar in vredesnaam te zoeken hadden. Het is geen geschiedenis waar Nederland trots op mag zijn. Van J.P. Coen tot en met de politionele acties (die eufemistische term kunnen we na lezing van Revolusi beter niet meer gebruiken) zijn er vele tienduizenden (vaak burger-)slachtoffers gevallen.
Fijne schrijfstijl, en als Belg prettig onpartijdig. Misschien was hij daarom bij zoveel mensen welkom. Als Nederlander was het wellicht wat moeizamer gegaan.

Op de foto: Van Reybrouck in gesprek met een ooggetuige.
